Aardappelen planten: zo doe je het stap voor stap

Aardappelen planten is makkelijker dan de meeste mensen denken. Met een klein stukje grond, een zak potgrond of zelfs een grote emmer kom je al een heel eind. Wie zijn eigen aardappels verbouwt, weet precies wat hij eet en haalt een bijzonder gevoel van voldoening uit de oogst. Van één pootaardappel groei je naar een plant die meerdere knollen oplevert. Dat maakt het kweken van aardappels bij veel moestuiniers geliefd, ook bij beginners.

Het juiste moment om te beginnen

Aardappels poten doe je meestal tussen maart en mei. Het precieze moment hangt af van het weer en het ras dat je kiest. Vroege rassen gaan al in maart de grond in, maar dan moet de grond vorstvrij zijn. Een vuistregel is dat de bodem minimaal 7 graden Celsius moet zijn voordat je begint. Late rassen wacht je het beste tot april of mei mee. Wie te vroeg plant bij harde nachtvorst, riskeert dat de jonge spruiten bevriezen en afsterven. Wil je zeker zijn van het juiste moment, kijk dan naar de weersvoorspelling voor de komende twee weken.

Voorkiemen geeft je een voorsprong

Een handige stap voor het planten is voorkiemen, ook wel voorspruiten genoemd. Je legt de pootaardappelen dan vier tot zes weken van tevoren op een lichte, koele plek neer, zoals een vensterbank of een lichte schuur. De kleine ogen op de knol groeien dan uit tot stevig, korte spruiten. Zorg dat de spruiten niet te lang worden, want dat maakt ze breekbaar. Knollen die je voorgekiemd de grond in legt, leveren eerder een oogst op dan knollen die je direct poot. Dit scheelt soms wel twee weken in de oogsttijd.

De grond klaarmaken en de knollen poten

Aardappels groeien het beste in losse, luchtige grond. Spade de grond vooraf om en voeg compost toe als de bodem voedingsstoffen tekortkomt. Maak daarna rijen met een onderlinge afstand van ongeveer 70 centimeter. Leg de pootaardappelen op een diepte van 10 tot 15 centimeter, met de spruiten naar boven. Houd binnen de rij een afstand van 30 tot 40 centimeter tussen de knollen aan. Na het poten dek je ze af met losse aarde. Als de planten ongeveer 15 centimeter boven de grond uitkomen, is het tijd om ze aan te aarden. Daarmee bedoel je dat je grond tegen de stengels aanschuift. Dit beschermt de groeiende knollen tegen licht en voorkomt dat ze groen en oneetbaar worden.

Zorgen voor de planten en oogsten op het goede moment

Aardappels hebben regelmatig water nodig, zeker als het droog is. Geef ze niet te veel in één keer, maar houd de grond licht vochtig. Te natte grond leidt tot rotting van de knollen. Een veelvoorkomend probleem is de aardappelziekte, een schimmelziekte die de bladeren en knollen aantast. Je herkent hem aan bruine vlekken op de bladeren met een gele rand. Verwijder aangetast loof meteen en gooi het niet op de composthoop. De oogst begint bij vroege rassen al in juni of juli. Je ziet dat de plant rijp is als het bovengrondse loof geel wordt en afsterft. Steek dan voorzichtig met een riek of spitvork in de grond en til de plant op. Bewaar de geoogste aardappels op een droge, donkere en koele plek, dan blijven ze weken tot maanden goed.

Veelgestelde vragen

Hoe diep plant je pootaardappelen?
Pootaardappelen leg je op een diepte van 10 tot 15 centimeter. Dieper is niet nodig en kan zelfs nadelig zijn doordat de grond op grote diepte compacter is en minder zuurstof bevat.

Kun je aardappels kweken in een pot of bak?
Ja, aardappels kweken in een pot of grote bak is goed mogelijk. Gebruik een ruime bak van minimaal 30 liter met goede afvoergaten. Vul hem voor de helft met aarde, poot de knol, en voeg grond toe naarmate de plant groeit. Dit heet aanaarден en werkt ook in een bak prima.

Hoe voorkom je groene plekken op de knollen?
Groene plekken ontstaan als de knollen aan licht worden blootgesteld. Aarden tijdens de groei voorkomt dit. Knollen die al groen zijn geworden, kun je beter niet eten. De groene delen bevatten solanine, een stof die giftig is.

Mag je aardappels elk jaar op dezelfde plek planten?
Nee, het is beter om aardappels te wisselen van plek. Als je ze meerdere jaren achter elkaar op dezelfde plek teelt, stapelen ziektes en plagen zich op in de grond. Gebruik een wisselteeltschema en plant aardappels pas na drie tot vier jaar weer op dezelfde plek.